Google ziet drie keer meer van het web dan OpenAI
Cloudflare-CEO Prince waarschuwt: Google ziet drie keer meer webpagina's dan OpenAI. Zonder open datamarkt wint Google de AI-race voor die begonnen is.

De race om dominantie in AI gaat niet over rekenkracht of talent. Het gaat over wie de meeste informatie ziet. Cloudflare-CEO Matthew Prince stelt dat Google hierdoor een enorme voorsprong heeft op concurrenten als OpenAI en Microsoft. Googlebot bekijkt 3,2 keer meer webpagina's dan OpenAI en 4,8 keer meer dan Microsoft. Princes oplossing: een open marktplaats voor data. Zonder zo'n mechanisme dreigt Google het spel te winnen voordat de rest op gang is gekomen.
Wat Prince precies ziet
Cloudflare verwerkt dagelijks een groot deel van het wereldwijde internetverkeer en heeft daardoor uniek zicht op welke partijen wat crawlen. De cijfers die Prince deelt bij Semafor zijn concreet: Googlebot ziet ruim drie keer zoveel pagina's als de crawlers van OpenAI, en bijna vijf keer zoveel als die van Microsoft en Anthropic. Dat verschil komt niet doordat Google agressiever crawlt, maar doordat het bedrijf via Search, Chrome, Android en YouTube structureel meer ziet van wat er online gebeurt.
Voor AI-modellen is die zichtbaarheid bepalend. Wie meer data ziet, traint betere modellen. Wie betere modellen heeft, trekt meer gebruikers. Wie meer gebruikers heeft, genereert weer meer data. Dat vliegwiel draait bij Google al jaren, en de AI-race versterkt het alleen maar.
Een open marktplaats als tegenwicht
Princes oplossing is een systeem waarin duizenden AI-bedrijven content kunnen kopen van duizenden uitgevers en miljoenen kleine bedrijven. Om dat te realiseren nam Cloudflare in januari het Britse Human Native over: een startup die transacties beheert tussen contentmakers en AI-bouwers. Het idee is dat uitgevers hun content verkopen en dat AI-bedrijven eerlijke toegang krijgen tot trainingsdata, zonder dat één partij de markt domineert.
Die beweging staat niet op zichzelf. Uitgevers blokkeren inmiddels massaal AI-bots omdat er geen waarde-uitwisseling plaatsvindt. En Microsoft lanceerde een vergelijkbare marktplaats waar uitgevers content kunnen licenseren aan AI-bouwers. Het probleem is hetzelfde: zonder eerlijk mechanisme verliezen contentmakers de controle over hun werk.
Wekelijkse inzichten in je mail.
Dilemma's, doorbraken en blinde vlekken uit onze AI-praktijk.
Wat dit betekent voor Nederlandse organisaties
Voor organisaties die AI inzetten is de les helder: de kwaliteit van je AI-tools hangt af van de data waarop ze getraind zijn. Als Google structureel meer ziet dan de concurrentie, worden Gemini en gerelateerde producten op termijn sterker in taken die actuele webkennis vereisen. Denk aan marktanalyses, concurrentie-onderzoek en contentcreatie.
Tegelijk ontstaat er een strategische keuze. Organisaties met eigen data, of dat nu redactionele archieven zijn, salesdata of domeinspecifieke kennis, kunnen die data positioneren als asset in een groeiende markt. De recente stap van Google om uitgevers meer controle te geven over hoe hun content in AI wordt gebruikt, laat zien dat de spelregels nog worden geschreven.
De vraag is niet of data de bepalende factor wordt in AI. Die vraag is beantwoord. De vraag is of je organisatie klaar is om daar bewust mee om te gaan.


